HET
WEER,
NADER VERKLAARD
de (oudere) verhalen
zijn soms niet meer helemaal up to
date,
onze excusses daarvoor,
red.
Mooi - weerdagen
Mooi weer
is subjectief: voor een zeiler moet het
waaien,
een fietser
houdt
juist niet van tegenwind
en
aan
het
strand
willen we zon en aangename
warmte.
Regen wordt meestal niet op prijs gesteld, maar als
het dagen achtereen
droog
is
kan
een bui juist een
verademing
zijn. Mooi weer
is dus
lastig
onder
één
noemer
onder
brengen
maar in het
algemeen is
een
zonnige,
droge
en vrij warme
dag
ook
een
mooie
dag.
Voor de statistieken
heeft
het
KNMI
mooi
weer
gedefinieerd.
Dat is een dag met
veel
zon
(minstens
50 procent
van
de
tijd dat ze kan
schijnen),
weinig
of
geen
neerslag
(in 24 uur
hooguit
0.2 mm.)
en
een
bovennormale
temperatuur De normale
temperatuur
wordt bepaald uit
het
etmaalgemiddelde
over
periodes
van 10 dagen,
het
decadegemiddelde.
De klimatologische grenzen
veranderen met de tijd
van
het jaar. In
april
voldoet
een
dag dus bij
een
lagere
temperatuur aan
het
criterium
'warm' dan
bij-
voorbeeld
in augustus.
Als norm wordt
een
marge
aangehouden rond het gemiddelde. Voor internatio-
naal gebruik
worden
mooi-weerdagen
aangeduid
als
ADS-dagen.
De 'A' staat
voor een
temperatuur
"Above
normal",
de 'D' voor
"Dry" en de 'S'
voor
"Sunny".
Juli en
augustus
bieden
doorgaans de
meeste
dagen met
mooi
weer.
Gemiddeld over
honderd jaar tellen die
zomermaanden
er
in
De Bilt
elk zeven,
tegen vijf in
april en juni.
September levert
gewoonlijk
vier mooiweer-dagen
op,
maart drie,
oktober twee
en
de
winter-maanden
gemiddeld
één à twee.
Een heel jaar biedt
gemiddeld
45 dagen
met mooi-
weer,
maar in
zonnige,
droge, warme jaren zijn
dat
er
natuurlijk
veel
meer.
Het jaar 1947 scoort
het
fraaist
met
90 mooi-weerdagen. Augustus 1947
is
ook
de
recordmaand
met
24 mooie
dagen.
In de
periode
1881-1970 bedroeg het
aantal
mooiweer-dagen in
De Bilt
gemiddeld 36 per jaar,
daarvan de
helft in de
drie
zomermaanden.
Dit aantal nam
toe
tot
gemid-
deld
ongeveer
43 dagen in de
laatste veertig jaar.
Het gemiddeld
aantal mooi-weerdagen ligt
tegen-
woordig
rond de 50 per jaar, maar door het
grillige
weer
zijn de
verschillen van jaar tot
jaar groot.
Met
name
april
2009 en
2011 waren
uitzonderlijk
fraai
met
elk
6 mooi-weerdagen, bijna
drie
keer het
nor-
male
aantal.
De zomer
van 2013 grossierde
in
mooie dagen
en
leverde
in juni, juli
en augustus
27
mooi-weerdagen
op. Dat is ook meer dan de
zomers
van
2009 (24),
2010 (18 mooie
dagen),
2011
(7) en
2012
(13).
De hete zomers van 2003
en
2006 hebben achtereenvolgens 37 en 28 mooi-weer-
dagen
opgeleverd. Ongetwijfeld
zijn er de
laatste
jaren
nog
veel
meer mooi-weerdagen
geweest, red.
KNMI /
Weer Servicedienst Leeuwarden/Wytgaard