HET
WEER,
NADER VERKLAARD
de (oudere) verhalen
zijn soms niet meer helemaal up to
date,
onze excusses daarvoor,
red.
Vorst aan de grond
De temperatuur
wordt op weerstations gewoonlijk op
1.5 meter boven een
grasvlakte
gemeten.
Vlak boven
de
grond
kan het temperatuurverloop echter
anders
zijn.
Tijdens een windstille en heldere
nacht koelt het
daar
sterker af.
Voorwerpen op het aardoppervlak en
ook
bomen, struiken, bladeren en grassprietjes
zenden
voortdurend straling uit en verliezen onder die omstan-
digheden
snel warmte.
Wanneer de temperatuur op
10 cm. hoogte
boven gras
tot onder
het
vriespunt daalt,
wordt dat aangekondigd als 'vorst aan de grond'.
Dit staat ook wel
bekend
als nachtvorst,
zoals dat
vroeger
werd
genoemd.
Bij vorst
aan de grond bevriest
de
waterdamp.
De bevroren
druppeltjes zijn als
een
witte
aanslag
(rijp) te zien.
Bijvoorbeeld op gras, lage
struiken,
houten
hekjes of auto's.
Voor de land- en
tuin-
bouw is het van
belang te weten
of de
temperatuur bij
het
aardoppervlak
onder nul komt.
Door
maatregelen,
zoals beregening, kan veel schade aan
gewassen wor-
den
voorkomen.
Vooral voor
gewassen die
net in bloei
staan,
kan de vorst
funest zijn.
Of het vlak bij de
grond
ook
werkelijk tot
vorst
komt, hangt af van
verschillende
factoren.
Wind beschutte
plaatsen zijn
er in
het al-
gemeen het
gevoeligst
voor.
Ook van belang zijn
bodemgesteldheid, begroeiing en
verschillen in hoogte.
Fruittelers ondervinden in de
dalen
van
Zuid-Limburg
meer
last van vorst dan
de grond op de plateaus.
Vorst
aan de
grond komt
in de winter in
De Bilt gewoonlijk
op
16 dagen
per
maand voor. Maart telt 14 dagen
met
vorst vlak boven
het aardoppervlak,
april tien en mei
gewoonlijk nog
drie
(gemiddeld over het tijdvak
1981-
2010).
Ook in de zomer
komt
het vlak
boven de grond
soms
tot vorst
maar
in
augustus
heeft het in
De Bilt
nog
nooit gevroren.
September telt
hier gewoonlijk al
één
dag met
vorst aan
de
grond, oktober telt er
vier
en
november biedt gemiddeld
10 dagen met
vorst
op
10 cm.
hoogte.
Vorst op de
normale
waarnemings-
hoogte
van
anderhalve meter in de
thermometerhut
komt
meestal
het eerst in
oktober
en
het
laatst
in april
voor.
Onder uitzonderlijke
omstandigheden
komt
de
temperatuur
in De Bilt in de
thermometerhut al in
september en
soms nog
in mei
onder nul.
De uiterste
data
waarop het in De
Bilt vroor
waren 28 mei in
1961
als
laatste
dag
voor de zomer en
16 september 1971
als vroegste dag
voor de
winter.
Op 18 juni 1955 werd
op
anderhalve
meter
hoogte in
Witteveen
nog
-0.8 graden gemeten,
landelijk de
laagste
temperatuur
van
de zomer.
KNMI / Weer Servicedienst Leeuwarden/Wytgaard