HET
WEER,
NADER VERKLAARD
de (oudere) verhalen
zijn soms niet meer helemaal up to
date,
onze excusses daarvoor,
red.
Temperatuurmeting
De stand die een
thermometer aangeeft is
afhankelijk
van de omgeving
waar
de temperatuur
wordt gemeten.
Vandaar dat
reclamethermometers
op uiteenlopende
plaatsen
bij winkelsen bedrijven
een
verschillende
waarde
aangeven.
Zeker als
die
instrumenten ook
nog
eens een deel van
de dag
door
de
zon
worden
beschenen kunnen grote
afwijkingen
optreden.
De temperatuur die langs de weg in
digitale
cijfers
wordt
afgelezen kan dan
ook
verschillen van de
temperatuur
die door
het KNMI wordt gemeten.
Op
weerstations
wordt
de
temperatuur
volgens inter-
nationale afspraak
gemeten in
graden
Celsius op
een
hoogte van anderhalve meter
boven een
open
grasvlakte. De thermometer
of de
sensor,
waarmee
de
temperatuur
wordt
gemeten,
staat in
een wit kastje
met
wanden
in de vorm van
een
open
jaloezie.
Daardoor
heeft
de wind vrij
spel, maar zon
en
neerslag kunnen
niet
tot
de
instrumenten
doordringen.
De temperatuur
die op
deze wijze word
gemeten
wordt
ook in
de
weerberichten gegeven.
In een stedelijke
omgeving kan de temperatuur vooral
door de
bebouwing
en
bestrating afwijken.
Zo zal het
daar in de regel warmer zijn dan op het platteland.
Vooral op heldere
avonden
met weinig
wind,
wanneer
het
flink
afkoelt,
kunnen de
temperatuurverschillen
met
de
binnenstad groot
worden.
Ook bij
wateroppervlak-
ten,
bossen, heide
en zandvlakten kan
de
temperatuur
anders
zijn
dan bij een weiland. De temperatuur
neemt
over het
algemeen af met de
hoogte.
Bij droge lucht is
de afname ongeveer 1 graad per 100 meter, bij voch-
tige
lucht
is dat
ongeveer
0.6 graden. Na of aan het
eind
van
een
heldere
nacht met weinig wind kan de
temperatuur
tot
een
bepaalde
hoogte
ook toenemen
met
de
hoogte.
Dit heet een "inversie", de hoogte tot
waar de
temperatuur
afneemt de "inversiehoogte".
KNMI /
Weer Servicedienst Leeuwarden/Wytgaard